Samuel Jessurun de Mesquita

Samuel Jessurun de Mesquita

Amsterdam 1868 – 1944 Auschwitz

Samuel Jessurun de Mesquita was een Nederlandse schilder en graficus. Hij werd vooral bekend door zijn ‘sensitivistische tekeningen’;
bizarre, vaak karikaturale voorstellingen. Hij zou ze zijn leven lang blijven maken.

familie
Samuel Jessurun de Mesquita werd in Amsterdam geboren als jongste zoon van Josua Jessurun de Mesquita en Judith Mendes da Costa. Samuel bleek op de lagere school al een uitgesproken tekentalent. Ook zijn broer Joseph Jessurun de Mesquita en zijn zus Anna Jessurun de Mesquita gaven blijk van een artistieke aanleg.

Zijn vader was leraar klassieke talen en Hebreeuws. Het gezin woonde aan de Nieuwe Prinsengracht in Amsterdam, waar destijds veel Portugees-joodse families woonden, die een hechte gemeenschap vormden.

opleiding
Toen Samuel veertien jaar oud was, deed hij toelatingsexamen voor de Rijksacademie, maar hij werd afgewezen. Hierna begon hij een opleiding als leerling bij het architectenbureau Springer, waar hij veel werkte aan het uitwerken van tekeningen van ornamenten, die kenmerkend zijn voor de bouwstijl van de late 19e eeuw. Hiermee legde hij de basis voor zijn latere ontwikkeling.

Hij koos voor een tekenopleiding aan de ‘Rijksnormaalschool voor Teekenonderwijzers’, maar volgde ook tegelijk lessen aan de Rijksschool voor Kunstnijverheid Amsterdam. Als medestudenten had hij onder anderen zijn (toekomstige) zwager Joseph Mendes da Costa, Lambertus Zijl en Theodoor Nieuwenhuis.

In 1889 haalde hij zijn middelbare akte tekenen. Vervolgens ging hij zich met schilderen, tekenen, houtsnedes, ex libris en batik bezighouden. Tegelijkertijd ontwikkelde hij een nieuwe tekentechniek waarmee hij zijn ‘sensitivistische tekeningen’ maakte.

docentschap
Hij werd in 1902 benoemd tot docent aan de Kunstnijverheidsschool in Haarlem, waaraan hij tot 1926 verbonden bleef. In 1905 werd zijn zoon Jaap geboren.

In 1917 aanvaardde hij een bestuursfunctie van de Vereniging tot Bevordering van de Grafische Kunsten. Van 1921 tot 1924 was hij voorzitter van de vereniging.

Doordat hij in 1926 ophield met lesgeven aan de Kunstnijverheidsschool in Haarlem, kon hij zich weer helemaal wijden aan het maken van eigen werken.

wendingen
Het eerste nummer, uit 1925, van het tijdschrift Wendingen was helemaal gewijd aan zijn sensitivistische werk. In 1931 verscheen nog een aflevering met een selectie uit later werk, die werd ingeleid door de kunsthistoricus A.M. Hammacher.

In 1933 aanvaardde hij een baan als lector aan de ‘Academie voor Beeldende Kunsten’, wat hem eer, erkenning en een verbetering van zijn financiële omstandigheden bracht.

sensivistische tekeningen
De ‘sensivistische tekeningen’ die vanaf 1889 ontstonden zijn bizarre, vaak karikaturale voorstellingen, en hebben een duidelijk grafisch karakter. Later werkte hij ze meer uit in ets, litho en houtsnede. Ze werden in 1904 door W. Versluis in een album uitgegeven.

niet-sensitivistische werk
Ook maakte hij niet-sensitivistische werk, die hij vervaardigde naar modellen en onderwerpen uit zijn directe omgeving. Zo zijn er zelfportretten, portretten van zijn vrouw Betsy Pinedo en zijn zoon Jaap.

Hij maakte schilderijen van het interieur van zijn atelier aan de M.J. Kosterstraat en zijn atelierwoning aan de Linnaeuskade, en van het uitzicht daar. Tevens vormden de dieren in Artis een oneindige inspiratiebron.

etsen
Nadat hij in 1889 zijn middelbare akte tekenen had behaald, maakte hij zich de techniek van het etsen eigen, en experimenteerde hiermee onder andere op marmer. Hij begon met het maken van houtsneden in 1896.

batiktechniek
In de periode 1895-1900 leerde hij ook de batiktechniek en het bedrukken van stof door middel van houtblokken. Aan het vervaardigen van dergelijke stoffen wijdde hij zich bijna geheel tot 1905. Deze stoffen werden door ’t Binnenhuis op de markt gebracht.

Aan het eind van de jaren dertig verminderde zijn grafische productie, maar hij bleef nog wel veel sensitivistische tekeningen maken op losse blaadjes of in kleine schetsboekjes.

De laatste houtsneden en etsen zijn gemaakt in 1940. Uit de jaren daarna zijn alleen nog tekeningen bewaard gebleven die zich in de collectie van het Stedelijk Museum Amsterdam bevinden en een paar schetsboekjes, verspreid over diverse collecties.

overlijden
In de nacht van 31 januari op 1 februari 1944 werden Samuel Jessurun de Mesquita, zijn vrouw Betsy Pinedo en hun zoon weggevoerd en gedeporteerd. Hij werd waarschijnlijk direct na aankomst in Auschwitz vermoord. Hun zoon werd in Theresienstadt vermoord.

reddingsactie van Escher
Toen Maurits C. Escher, zijn leerling die later heel beroemd zou worden met zijn grafisch werk, hoorde van de deportatie, snelde hij naar het atelier van De Mesquita op de Linnaeuskade 24 te Amsterdam. Hij trof de woning onbewoond en geplunderd aan met honderden prenten over de vloer verspreid. Escher ging naar binnen en raapte zoveel prenten bijeen als hij kon dragen. In totaal bracht hij 136 prenten in veiligheid in zijn huis in Baarn.

De volgende dag stond er een verhuiswagen voor de deur en waren werkers onder Duits toezicht bezig om het huis leeg te halen.

Escher schreef in een weergave van deze reddingsactie als volgt:  “ik wilde de prenten bewaren tot iemand van de familie die er recht op heeft gevonden wordt. Tot op heden (10 juli 1945) weet ik niet of er iemand uit gevangenschap is terug gekomen”.

(zie de brochure van Willem Keizer “Eschers Redding van Samuel Jessurun de Mesquitas prentenschat”; Avalon Pers – Wouburgge 2015)

Zijn werk hangt o.a. in het Joods Historisch Museum en het Rijksmuseum te Amsterdam.

bibliografie

  • 1925 – De Mesquita: teekeningen en etsen/ met een inl. uitgeg door Henri Cornelis Verkruysen, Wendingen 7:1
  • 1934 – Wendingen
  • 1946 – S. Jessurun de Mesquita, door Dr. J. Mendes da Costa. Catalogus bij de tentoonstelling in het Stedelijk Museum in Amsterdam, maart-april 1946.
  • 1984 – S. Jessurun de Mesquita door E. H. Ariëns Kappers. Tentoonstellingscatalogus bij tentoonstellingen in Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam en het Joods Historisch Museum, Amsterdam.
  • 1978 – Mendes Da Costa, Jessurun De Mesquita: Nederlandse beeldende kunstenaars, joden in de verstrooiing, door Frank de Miranda
  • 2005 – Samuel Jessurun de Mesquita (1868-1944). Tekenaar, graficus, sierkunstenaar, door Jonieke van Es

bron: wikipedia

Overleden tijdens WOIIArtis tijdens WO II