Jo Joseph Eduard Adolf Spier

Nederlands illustrator en boekbandontwerper van Joodse komaf, die zichzelf niet een kunstenaar noemde, maar “een tekenende journalist”

Zutphen 1900 – 1978 USA

jeugd en opleiding
Jo Spier was de zoon van Isedore Spier (1873-1956) en Selina Selma Elias (1877-1919).

Zijn vader was eigenaar van een stoffen- en damesmodezaak in Zutphen. De familie van zijn moeder bezat een vooraanstaande textielfabriek in Eindhoven. 

Joseph Eduard Adolf Spier werd geboren als oudste van drie broers.

Albert Hahn
Spier was niet zo geïnteresseerd in schoolwerk en gebruikte in plaats daarvan zijn schriften om te tekenen. In de vierde klas besloot hij dat hij voldoende opgeleid was. Gretig schreef hij aan Albert Hahn van Het Volk, een van zijn favoriete striptekenaars, om te praten over zijn nieuwe ambities. 

Hahn gaf hem een ​​resoluut antwoord: hij wilde niets te maken hebben met een jonge jongen die dom genoeg was om tegen de wensen van zijn vader in te gaan. Toch sloot hij zijn brief af met de mededeling dat hij Spiers tekeningen mooi vond en nodigde hem uit om hem na zijn afstuderen te bezoeken. 

Spier maakte zijn eerste gepubliceerde tekeningen in 1916, voor het blad van de plaatselijke voetbalclub Be Quick. 

Amsterdam
Spier bezocht het gymnasium en trok na het behalen van zijn diploma in 1919 naar Amsterdam, met het idee om schilder te worden. Hij schreef zich in bij de Amsterdamse Academie voor Beeldende Kunsten. 

Onder zijn medestudenten bevonden zich Elie Smalhout en Jan Rot. Spiers eerste illustraties waren bewerkte streekromans, uitgegeven door uitgeverij Kok in Kampen. 

Parijs
Na zijn militaire diensttijd was hij de tweede Nederlander na Vincent van Gogh die een opleiding volgde aan het beroemde Atelier Cormon in Parijs. Daar leerde hij in de periode 1922-1923 stadsgezichten tekenen, met aandacht voor het verkeer en de bevolking van de straten. 

Tijdens zijn verblijf in Parijs kreeg Jo Spier zijn eerste persopdracht van de sportcorrespondent van het Algemeen Handelsblad. Hij kreeg de opdracht de Zweedse wielrenner Thorvald Ellegaard te schetsen. Pas na publicatie besefte de jonge illustrator dat hij per ongeluk de man naast Ellegaard had getekend! Desondanks huurde de sportredactie van Paris Soir hem ook in.

werk en docentschap
Terug in Nederland werd Spier verslaggever-illustrator bij De Telegraaf, een functie die hij van december 1924 tot oktober 1940 uitoefende. Spier illustreerde zo dagelijks humoristische tekeningen en reportages in het dagblad De Telegraaf, toen er nog niet veel van fotografie gebruikt werd gemaakt. 

Vanaf 1930 ontwikkelde Jo Spier zich meer tot cartoonist; voor de zondagochtendedities van de krant schetste hij taferelen uit het dagelijks leven of gaf hij commentaar op actuele zaken, gekruid met de humor en ironie. 

Spier maakte ook redactionele illustraties, bijvoorbeeld voor de pagina’s met gezochte advertenties.

De krant stuurde hem er ook op uit om verslag te doen van Nederlands-Indië (Indonesië) en gaf hem de opdracht tekeningen te maken voor theaterrecensies en rechtszaken. 

Marinus van der Lubbe
Een van de processen die Spier behandelde, was tegen Marinus van der Lubbe, de Nederlandse activist die naar verluidt de brand in 1933 in de Duitse Rijksdag had gesticht. 

Begin periode van professionele reclame
In deze beginperiode van de professionele reclame werden campagnes nog niet aangestuurd door marketingplannen en -rapporten, en hadden kunstenaars veel creatieve vrijheid. Spier spande zich in om de wensen van zijn klanten niet alleen te vertalen naar goed gedocumenteerde illustraties, maar ook naar complete campagnes, promotieboekjes en folders voor Nederlandse bedrijven en lokale ondernemers. 

Heineken
Hij rekende een breed scala aan bedrijven en instellingen tot zijn vaste klanten. Biermerken zoals Heineken en Amstel, Peijnenburg, Douwe Egberts koffie en de wijnbedrijven Ferwerda & Tieleman en W.G. Oud PZN & Co. deden een beroep op zijn diensten, maar ook de KLM, Standard Oil, Johnson buitenboordmotoren en verzekeringsmaatschappijen zoals ASR, Nationale Nederlanden en Centraal Beheer. 

het Victoria Hotel
Spier maakte ook talloze tekeningen voor de Amsterdamse horeca. Hij ontwierp onder andere menukaarten voor het trendy restaurant Die Port van Cleve en advertenties voor het Victoria Hotel. Jo Spier assisteerde ook de baanbrekende filmmaker Jan Theunissen bij de vroege Nederlandse geluidsfilms ‘Pierement’ (1931) en ‘Sjabbos’ (1931).

boeken
Ook zijn er diverse boeken van zijn hand verschenen. Spier illustreerde uiteindelijk meer dan honderd boeken, waaronder Kopstukken van Godfried Bomans. Ook verschenen er verschillende verzamelbundels van zijn tekeningen.

huwelijk
In 1925 trad hij in het huwelijk met Albertine Sophie ‘Tineke’ van Raalte. Uit hun huwelijk werden drie kinderen geboren, onder wie zoon Peter, die evenals zijn vader illustrator zou worden.

WO II
Toen in september 1939 de Tweede Wereldoorlog uitbrak, werd Spier, net als veel Nederlandse militairen, gemobiliseerd. Hij werd toegewezen aan de afdeling die de opleiding en recreatie van militairen verzorgde.

Spier illustreerde pamfletten, posters en billboards en was redacteur van het militaire weekblad De Wacht. 

Na de inval van Hitler in mei 1940 kon Spier zijn werk voor De Telegraaf nog een half jaar voortzetten, zij het zonder zijn tekeningen te signeren. Uiteindelijk werd hij in oktober van datzelfde jaar ontslagen, toen de nazi’s alle Joodse medewerkers dwongen onmiddellijk met pensioen te gaan. 

De kunstenaar verklaarde later dat de eigenaar van het blad, H.A.K. Holdert, zijn familie gedurende de oorlogsjaren financieel bleef ondersteunen. Tegen die tijd was Spiers werk steeds politieker geworden. Hij werd drie keer gevangengezet, naar verluidt omdat hij een aanstootgevende karikatuur van Hitler had gemaakt.


Westerbork
Aan het begin van de oorlog zat hij enige tijd in Westerbork, als straf de spotprent die hij in 1939 van Hitler maakte. 

Villa Bouchina
Anton Mussert, leider van de NSB, was een bewonderaar van Spiers werk. Mussert regelde dat het gezin Spier in Villa Bouchina gevangen werd gezet, dit was een klein kamp voor vooraanstaande Joodse families in Doetinchem. 

Theresienstadt 
Van 21 april 1943 tot het einde van de oorlog zat de illustrator opgesloten in Theresienstadt. Het hele gezin werd getransporteerd naar het Tsjechische kamp, waar ze de oorlog wisten te overleven. 

Duitse propagandafilm Theresienstadt
Tijdens zijn verblijf schilderde Spier muurschilderingen in de kinderbarak, maar werd hij ook gedwongen mee te werken aan de productie van de propagandafilm ‘Der Führer schenkt den Juden eine Stadt‘, die het kamp presenteerde als een comfortabel vakantieoord. 

Ai-overzicht
Het was een film die aan de buitenwereld moest laten zien, hoe fijn het wel niet was in het kamp en hoe gezond iedereen was en hoe gemoedelijk het eraan toe ging, terwijl Ai-overzicht op google er dit over zegt;

Er zijn ruim 5.200 overlevenden van deportatie naar Theresienstadt, en bij de bevrijding waren er nog circa 19.000 gevangenen in leven in het kamp zelf.  Van de 139.667 gedeporteerden stierven er ongeveer 33.818 in het getto zelf, en de meesten van de 88.000 die naar andere kampen werden gestuurd, overleefden de oorlog niet. 

Totaal aantal overlevenden: 
Ruim 5.200 Joden die vanuit Nederland werden gedeporteerd, overleefden de deportatie naar Theresienstadt.

Overlevenden bij bevrijding: 
Bij de bevrijding van het kamp in mei 1945 waren er nog ongeveer 19.000 gevangenen in leven.

Deportaties en sterfgevallen in het getto: 
Van de 139.667 gedeporteerden naar Theresienstadt, stierven er 33.818 in het kamp zelf.

Doorgestuurde gevangenen: 
Ongeveer 88.000 mensen werden door doorgestuurd naar andere kampen, van wie de meesten de oorlog niet overleefden.

Overlevende kinderen: 
Slechts 142 van de 10.500 kinderen die in het getto verbleven, overleefden de oorlog.

Na WO II 
In de naoorlogse jaren werd Jo Spier een van de eerste tekenaars voor Elseviers Weekblad en gaf hij les aan de Rijksakademie, iets wat hij in de jaren 1930 ook al had gedaan, maar zijn enigszins bevoorrechte positie tijdens de latere oorlogsjaren leverde Spier in de emotionele naoorlogse periode veel kritiek op. 

collaboratie met de bezetter
Na de oorlog waren er aantijgingen aan Spier over collaboratie met de bezetter.
Vooral het communistische dagblad De Waarheid schreef venijnig over deze “zwakkeling” die “gemene zaak had gemaakt met de Duitsers“. 

Spier reageerde nooit openlijk op de beschuldigingen, maar hij wist de zaken recht te zetten met het Nationaal Instituut voor Oorlogsdocumentatie. 

Zijn ervaringen in Theresienstadt zijn vastgelegd in het boekje ‘Jo Spier: Dat Alles Heeft Mijn Oog Gezien: Herinneringen Aan Het Concentratiekamp Theresienstadt 1942-1945’ (1978), uitgegeven in het jaar van zijn overlijden. 

Amerikaans staatsburgerschap
Toen een visumaanvraag in 1951 gehonoreerd werd besloot hij om met zijn familie naar de Verenigde Staten te emigreren. 

In 1957 kreeg hij het Amerikaans staatsburgerschap. Jo Spier vertok naar Amerika en werd ook daar succesvol als illustrator. Hij kreeg een succesvolle carrière in de reclamekunst, met vooraanstaande opdrachtgevers zoals Shell, Esso, Mobil Oil, Ford en Philips. 

overlijden
Tot zijn dood bleef Jo Spier in Amerika wonen. 
Hij overleed op 77-jarige leeftijd tijdens een bezoek aan een van zijn zonen.

Jo Spier was een van de meest vooraanstaande boek- en reclame-illustratoren van zijn generatie.

Hij heeft meerdere ook ons bekende striptekenaars en illustratoren beïnvloed, met name Peter van Straaten en Dick Bruna. 

n.b.
Uit het bovenstaande blijkt dat Spiers houding tijdens de oorlog enigszins dubieus leek. Dat geldt niet voor een naamgenoot Jo Spier (1916-2009): deze was een verzetsstrijder en een van de leiders bij de Februaristaking.

publicaties 
Godfried Bomans: Kopstukken. Geïllustreerd met pentekeningen van Jo Spier. Amsterdam, Elsevier, 1947. 27e druk, 1983: ISBN 90-10-04583-8
Jo Spier: Westen. Amsterdam, uitgeverij Elsevier, 1948. Met tekst van Piet Bakker.
The Marshall Plan and You. The Hague, Netherlands, Ministry of Economic Affairs, 1949.
Jo Spier: Album. Amsterdam, Elsevier, 1957.
Jo Spier: Dat alles heeft mijn oog gezien. Herinneringen aan het concentratiekamp Theresienstadt 1942-1945. Amsterdam, Elsevier, 1978. ISBN 90-10-01965-9
Jo Spier. Tekenaar van een tijdperk Samenst. door G.E. van Baarsel. Stedelijk Museum Zutphen, 2000. ISBN 90-805756-1-5
Peter van Straaten & Jo Spier. Virtuoze tekenaars van het Nederlandse leven. Persmuseum Amsterdam, 2012. Geen ISBN

Tentoonstellingen
Tekenen in Tijden van Oorlog, 22 maart t/m 22 juni 2025 in het Stedelijk Museum Zutphen in Zutphen.

bron: wikipedia/lambiek.net (Bas Schuddeboom)
Een kort filmpje over Jo Spier, gemaakt door de nos voor nieuwsuur, vindt U hier

Overleden na WOIIJoodse Kunstenaars in AmsterdamKunstenaars in Parijs